Een vulling is nodig wanneer er een gaatje (cariës) in een tand of kies zit. De tandarts verwijdert het aangetaste deel en vult het op om de tand te herstellen en verdere schade te voorkomen. Het is een veelvoorkomende en vrijwel pijnloze behandeling.
Stap 1: Onderzoek en diagnose
De tandarts stelt vast dat er een gaatje aanwezig is. Dit gebeurt met een mondspiegel en sonde, en eventueel een röntgenfoto.
Stap 2: Verdoving
Indien nodig wordt het gebied plaatselijk verdoofd zodat de behandeling pijnloos verloopt.
Stap 3: Verwijderen van het aangetaste tandweefsel
Het aangetaste deel van de tand wordt met een boor verwijderd.
Stap 4: Voorbereiden en reinigen
De holte wordt gereinigd en voorbereid, bijvoorbeeld met ets en bondingmateriaal.
Stap 5: Vullen
De tand wordt laag voor laag gevuld met composiet, dat met een blauw licht wordt uitgehard.
Stap 6: Afwerken
De vulling wordt gevormd, bijgeslepen en gepolijst voor een natuurlijke pasvorm.